Germaans
adjective
/ɣɛrˈmaːns/
,
/χɛrˈmans/
|
- 1. betrekking hebbend op de taal der Germanen of de talen die er van afstammen
- 1. op de Germanen betrekking hebbend
|
Germanic
|
Germaans
properNoun
/ɣɛrˈmaːns/
,
/χɛrˈmans/
|
- 1. taal zoals die eertijds door de Germanen gesproken werd
|
Germanic
|