gras – English–Nederlands translations

🇳🇱 nl en 🇬🇧

gras noun

  • 1. benaming voor planten uit de familie Poaceae
  • 1.1 benaming voor planten uit de familie Poaceae die een oppervlak met sprietvormige groene bladeren begroeien
grass

🇬🇧 en nl 🇳🇱

Wiktionary Links