kat – English–Nederlands translations
🇳🇱 nl en 🇬🇧
kat noun |
|
|---|---|
|
cat |
- als de kat van huis is, dansen de muizen op tafel
- when the cat's away the mice will play
- een kat in het nauw maakt rare sprongen
- desperate needs lead to desperate deeds
- een kat in de zak kopen
- to buy a pig in a poke, buy a pig in a poke
- de kat uit de boom kijken
- watch which way the cat jumps
- kat in de zak
- lemon
- cyperse kat
- tabby
- getijgerde kat
- tabby
- zwarte kat
- black cat
- als kat en hond
- at loggerheads