organiseren – English–Nederlands translations

🇳🇱 nl en 🇬🇧

organiseren verb

  /ˌɔrɣɑniˈzeːrə(n)/ , /ˌɔrχɑniˈzɪːrə(n)/
  • 1. een bepaalde structuur aanbrengen
  • 2. iets, vaak een evenement, tot stand brengen
organize
Wiktionary Links