overrun – English–Nederlands translations

🇬🇧 en nl 🇳🇱

overrun verb

  /ˈoʊ.vɚˌɹʌn/ , /ˈəʊ.vəˌɹʌn/ , /ˌoʊ.vɚˈɹʌn/ , /ˌəʊ.vəˈɹʌn/
voorbijlopen, inhalen, overrompelen, overschijden, overstromen

overrun noun

  /ˈoʊ.vɚˌɹʌn/ , /ˈəʊ.vəˌɹʌn/ , /ˌoʊ.vɚˈɹʌn/ , /ˌəʊ.vəˈɹʌn/
  • instance of overrunning
overrompeling, overschrijding, overstroming
  • amount by which something overruns
overschrijding
Wiktionary Links