spijker – English–Nederlands translations

🇳🇱 nl en 🇬🇧

spijker noun

  • 1. metalen pin waarmee twee voorwerpen door doorboring vast verbonden kunnen worden
nail
  • 3. (uitdrukking) ± Spijkers met koppen slaan.
cut to the chase., get down to business., get to the point.
  • 2. (uitdrukking) ± De spijker op de kop slaan.
hit the nail on the head.
  • 4. (uitdrukking) ± Spijkers op laag water zoeken.
seek a knot in a bulrush, split hairs.
Wiktionary Links