uitpakken – English–Nederlands translations

🇳🇱 nl en 🇬🇧

uitpakken verb

  /ˈœʏtpɑkə(n)/ , /ˈœːtpɑkə(n)/
  • 2. uit een omhulsel halen
unpack
  • 1. uit een verpakking halen
unwrap
Wiktionary Links