zaad – English–Nederlands translations

🇳🇱 nl en 🇬🇧

zaad noun

  /zaːt/
  • 1. een bevruchte kiem waaruit een nieuwe plant van dezelfde soort groeit
seed
  • 2. zaadcellen uit de mannelijke geslachtsorganen van een mens of een dier
seed, sperm
Wiktionary Links