aanvoeren – Español–Nederlands translations

🇳🇱 nl es 🇪🇸

aanvoeren verb

  • 3. bijbrengen als bewijs
aducir, alegar
  • 1. bevel voeren over
encabezar, acaudillar, capitanear, comandar, mandar
  • 2. aanbrengen, naartoe transporteren
acarrear
Wiktionary Links