fietsstuur – Español–Nederlands translations

🇳🇱 nl es 🇪🇸

fiets noun

  /fits/
  • 1. tweewielig vervoermiddel dat door middel van spierkracht middels pedalen wordt voortbewogen
bicicleta, bici

🇳🇱 nl es 🇪🇸

stuur noun

  /styːr/
  • 1. een hulpmiddel waarmee een bestuurder richting kan geven aan een voertuig
volante
Wiktionary Links