gastheercel – Français–Nederlands translations

🇳🇱 nl fr 🇫🇷

gastheer noun

  • 1. een man
  • 2. (biologie) een organisme
hôte

🇳🇱 nl fr 🇫🇷

cel noun

  • 3. de kleinste eenheid binnen een levend organisme waarin alle genetische informatie vervat zit
  • 4. een zeshoekige opslagplaats in een bijenraat
  • 1. een kleine ruimte waar iemand voor straf moet zitten (in een gevangenis)
  • 2. een kleine ruimte (in een klooster)
cellule
Wiktionary Links