stem – Français–Nederlands translations

🇳🇱 nl fr 🇫🇷

stem noun

  • 1. het geluid dat door het trillen van de menslijke stembanden wordt geproduceerd
  • 2. het geluid dat een mens bij het spreken voortbrengt
voix
  • 6. een keuze gemaakt door een stemmer (kiezer) bij een stemming (verkiezing)
vote, voix
  • 5. een orgelregister
jeu d'orgue
  • 4. een vocale of instrumentale muzikale lijn
partie
  • 3. het geluid dat een mens bij het zingen voortbrengt
voix musicale, voix

🇫🇷 fr nl 🇳🇱

stem noun {m}

  /stɛm/
grondwoord
Wiktionary Links