Nederlands Deutsch
donderdag /ˈdɔndərˌdɑx/
  • 1. een dag van de week die na woensdag en voor vrijdag komt
der Donnerstag (Pl.: die Donnerstage) {m} ˈdɔnɐsˌtaːk
Witte Donderdag Gründonnerstag
Weißer Donnerstag
Wiktionary Links