grootmacht – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

groot adjective

  /ɣroːt/
  • 1. meer dan normaal in formaat
  • 2. bewonderenswaardig, goed
  • 3. machtig, belangrijk
groß
  • 4. volwassen
groß, erwachsen

groot adverb

  /ɣroːt/
  • 1. in ruime mate
großartig

🇳🇱 nl de 🇩🇪

macht noun

  • 1. het vermogen om elders de eigen wil op te leggen
Macht, Potenz
Wiktionary Links