lek – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

lek noun

  • 1. opening waardoor een vloeistof of een gas in of uit kan
Leck

lek adjective

  • 1. vloeistof of gas doorlatend
leck, undicht

🇩🇪 de nl 🇳🇱

Lek noun {m}

Lek   /lɛk/
  • Zahlungsmittel: Währungseinheit von Albanien nach der Währungsreform von 1964
kuitschieten
Wiktionary Links