naaien – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

naaien verb

  /ˈnaːi̯ə(n)/
  • 1. naaldwerk verrichten
nähen
  • 2. geslachtsgemeenschap hebben
ficken, bumsen, vögeln
  • 3. iemand een veraderlijke streek leveren
anschmieren
Wiktionary Links