ontduiken – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

ontduiken verb

  /ɔnˈdœykə(n)/
  • 1. door zich te bukken, aan iets ontkomen
ausweichen, entgehen, entkommen
  • 5. (om een onderwerp) ontsnappen
ausweichen, entgehen, entkommen, entrinnen
  • 3. aan gevaren of onaangenaamheden weten te ontkomen
ausweichen, entweichen
  • 2. door onder iets te schuilen zich tegen zonnestralen vrij te waren
bewahren, schützen
  • 4. zich aan een verplichting weten te onttrekken
entziehen
  • de belasting ontduiken
hinterziehen
Wiktionary Links