overvliegen – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

overvliegen verb

  /ˈovərˌvliɣə(n)/ , /ˈovərˌvliχə(n)/
  • 1. ergens overheen vliegen
  • 2. van de ene afdeling naar de volgende gaan, bijvoorbeeld bij scouting
fliegen über
  • 3. iets met een vliegtuig ergens brengen
hinüberfliegen
Wiktionary Links