scheppen – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

scheppen verb

  /ˈsxɛpə(n)/
  • 1. doen ontstaan uit niets
schaffen

scheppen verb

  /ˈsxɛpə(n)/
  • 1. met bijv. een lepel of spaan een hoeveelheid van een bep. materiaal uit iets (bijv. een vat) naar boven halen, of het juist daarin doen
schöpfen
Wiktionary Links