uitsteken – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

uitsteken verb

  • 2. de ogen met een scherp voorwerp stekend verwijderen
ausstechen
  • 1. in grootte de rest voorbijstreven
ausstechen, überragen, übertrumpfen
  • 3. uitstrekken, bijvoorbeeld van een ledemaat
ausstrecken
Wiktionary Links