keyboard – English–Nederlands translations

🇬🇧 en nl 🇳🇱

keyboard noun

  /ˈki.bɔɹd/ , /ˈkiboɾd/ , /ˈkiːbɔːd/ , /ˈkɪjboːd/ , [ˈkiboːɾd]
  • set of keys used to operate a typewriter, computer etc.
toetsenbord, klavier
  • electronic device with keys of a musical keyboard
keyboard, toetsenbord
  • component of many instruments
keyboard, klavier, toetsenbord

🇳🇱 nl en 🇬🇧

keyboard noun

  /ˈkiːbɔː(r)d/ , /ˈkiːbɔː(r)t/
  • 1. een elektronisch muziekinstrument met een toetsenbord
  • 2. een apparaat waarmee, door toetsen in te drukken, gegevens in een computer ingevoerd kunnen worden
keyboard
Wiktionary Links