er – Français–Nederlands translations
🇳🇱 nl fr 🇫🇷
er adverb |
|
|---|---|
|
en |
|
y |
-er |
|
|---|---|
| plus | |
- er is geen kat
- il n'y a pas un chat
- er iets aan kunnen doen
- pouvoir
- er niet om geven
- foutre
- er de buik van vol hebben
- gaver
- er was eens
- il était une fois
- er vandoor gaan
- déguerpir
- alsof er niets aan de hand is
- comme si de rien n’était
- alsof er niets gebeurd was
- comme si de rien n’était
- die een kuil graaft voor een ander valt er zelf in
- tel est pris qui croyait prendre