druk – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

druk noun

  • 1. pressie, kracht die over een oppervlakte uitgeoefend wordt
Druck

druk adjective

  • 2. weinig tijd latend, veel tijd eisend (van bezigheden)
anspruchsvoll, fordernd
  • 4. met veel mensen, bedrijvigheid of verkeer
belebt, geschäftigd, voll, überfüllt
  • 1. weinig tijd hebbend
beschäftigd, vielbeschäftigd
  • 3. zeer actief zijnde
lebhaft, rastlos
Wiktionary Links