nemen – Deutsch–Nederlands translations
🇳🇱 nl de 🇩🇪
nemen verb
/ˈne.mə(n)/
|
|
|---|---|
|
nehmen, greifen |
|
einziehen |
|
völlig umgestalten |
- bij de neus nemen
- jemanden an der Nase herumführen
- poolshoogte nemen
- erkundigen
- afscheid nemen
- verabschieden
- in aanmerking nemen
- in Betracht ziehen
- in overweging nemen
- in Betracht ziehen
- geen blad voor de mond nemen
- Tacheles reden
- iemand bij de neus nemen
- jemanden an der Nase herumführen
- iemand in de maling nemen
- jemanden an der Nase herumführen
- de benen nemen
- ab die Post
Wiktionary Links
- Nederlands: nemen