opnemen – Deutsch–Nederlands translations

🇳🇱 nl de 🇩🇪

opnemen verb

  • 1. in handen nemen
abnehmen
  • 7. (beeld, geluid) registreren, vastleggen
aufzeichnen
  • 2. het resultaat vaststellen
(mit Gewalt) nehmen
  • 5. beginnen
beginnen

opnemen

eingliedern
Wiktionary Links