uitdijen – English–Nederlands translations

🇳🇱 nl en 🇬🇧

uitdijen verb

  /ˈœydɛiə(n)/
  • 1. meer of groter worden, toenemen
increase, grow
  • 2. in omvang toenemen, aangroeien
enlarge, expand
  • 3. dikker worden
swell
Wiktionary Links